maandag, 28 juni 2010
De gereformeerde hogeschool in Zwolle kwam met een boek voor morele vorming: ‘Doe me een deugd’. Een recensie!
Nieuwste hype uit Zwolle?
Een dergelijke titel boven een recensie klinkt niet bijster positief - ik weet het. Een kort toelichten is dan ook alleszins op zijn plaats:
Het Lectoraat Morele Vorming van de Gereformeerde Hogeschool in Zwolle, dat in de persoon van Pieter Vos bij het totstandkomen van het te bespreken boek uiterst nauw betrokken was en bij ondermeer de totstandkoming van een equivalent voor het vo ten nauwste betrokken is, heeft zich in volstrekt gelijke bewoordingen uitgelaten naar aanleiding van de uit Den Haag geuite verplichting om op de basisschool burgerschap(svorming) in te voeren. Zie de ‘Handreiking bij kerndoelen burgerschap’ van Pieter Vos. Daar ligt de oorsprong tot het kiezen van de titel. Maar er is nog een legitimatiegrond.
Bij het zorgvuldig doorlezen van het op woensdag 7 april 2010 gepresenteerde Praktijkboek morele vorming voor de basisschool met de inhoud direct rakende titel ‘Doe me een deugd’ (tijdens een door voornoemd lectoraat georganiseerd symposium onder dezelfde titel), rees bij mij de vraag (nog even los van de inhoud) onder welk vak dit, zeker kleurig, fris en fleurig aandoend boek het best zou passen. Het eerst dacht ik aan ‘Sociaal emotionele ontwikkeling’ (SEO), maar aangezien een tweede nauw bij de ontwikkeling van het onderhavige boek betrokkene, te weten Wilma van der Jagt (opleidingsdocente aan de Educatieve Academie van de genoemde Gereformeerde Hogeschool), in Samen Educatief te kennen heeft gegeven dat het geen methode voor dat vak is, viel die optie af. Burgerschap(svorming) is, zoals duidelijk zal zijn, voor Vos als ‘hype’ te negatief beladen. Boeiend hierbij is de opmerking van prof. Ad de Bruijne tijdens het symposium, dat de deugdenethiek juist vandaag stimulansen biedt voor ook ‘het samenleven met andere burgers’. Toch burgerschap(svorming)? Jammer echter, dat de overheid zelf burgerschap(svorming) graag geïntegreerd ziet in de vakken Nederlands (?) tot en met Geschiedenis. Waar past de methode dan bij? Godsdienst? De suggestie die de samenstellers wekken, is dat de methode vraagt om een apart vak en dat terwijl qua resultaat taal en rekenen al zo slecht scoren. Is de inhoud dan zo bijster dat de methode ‘ten koste van’ eigen ruimte verdient onder de noemer ‘morele vorming’? Of wordt er gewerkt aan/toegewerkt naar een nieuwe hype…? Een dure hype: het symposium (één middagje) kostte al € 95,-- en een cursus kost (voor max. 12 personen) € 3900,-- plus alles wat er bij implementatie in een lesrooster nog bijkomt/zal bijkomen.
Dan de inhoud, wat voor mij de volgende legitimatiegrond voor de gekozen titel vormt.
Graag onderstreep ik nogmaals het kleurige, frisse en fleurige van het boek en toch…
Onwillekeurig kreeg ik het gevoel als bij de Zoutkorrel (van SGO-uitgevers), de veel in het christelijk onderwijs voor dagopeningen gebruikte handreiking. Deze is ook kleurig, fris en fleurig en… belooft ogenschijnlijk veel, maar blijkt en blijft inhoudelijk uiterst oppervlakkig. Het heeft een enkele Bijbeltekst of verwijzing, maar is hoofdzakelijk humanistisch. Nu zal de achterban waardoor de methode het allereerst gebruikt zal worden (op de eerste scholen wordt al Mores geleerd) niet veel met de Zoutkorrel hebben en juist dan is het enthousiasme waarmee de methode is gepresenteerd en wordt bejubeld zo bevreemdend. Wie vertrouwd is met de oorsprong van de deugdenethiek/leer komt terecht in de grijze oudheid: Socrates, Plato en Aristoteles. Het zijn de kerkvaders die deze deugdenleer voor christenen salonfähig hebben gemaakt door in de loop van de tijd de theologale deugden van geloof, hoop en liefde toe te voegen. De grote vraag is of dit kon en kan en of daarmee de deugdenleer voor de christen acceptabel is. Voor Van Tongeren (ook spreker op het symposium en als inspiratie op de achtergrond voor het boek) als rooms-katholiek geen probleem, maar de Bruijne voelt de schoen wel degelijk wringen. Deugden worden als intrinsiek aan de – NB gevallen – mens beschouwd en hebben niets gemeen met de vrucht van Gods Geest. ‘Doe me een deugd’ is helaas niets meer dan het oppoetsen van een graankorrel die in de aarde hoort: sterven. In Jezus tijd wilden de Grieken er al niet aan en wij? De conclusie moet helaas zijn, dat het boek haaks staat op het christen-zijn en op wat de Bijbel leert. Het gaat toch om het gelijkvormig worden aan Christus en niet om een oppoetsen van de van nature aanwezige karaktertrekken, ofwel het IK. Ook de benadering van de deugd en ‘het midden’ is volstrekt on-Bijbels. Bovendien is de benadering van deugdenleer/ethiek veel te ‘mooi‘ en niet kloppend met de werkelijkheid. Komt de Vgk niet gevaarlijk dicht in de buurt van bv. Maneschijn? Tot slot: het opmerkelijk positieve van een hype is, dat ze vrij snel voorbijgaat, maar of dat hier het geval zal zijn? Doe me een deugd en breng het kind aan de voeten van Jezus!
Drs. J.G. Hoekstra
Drs. J. G. Hoekstra is predikant en was docent bij het voortgezet onderwijs. Hij werkt aan een boekje over Focussen. Eerder verscheen van hem ‘Geopende ogen’ (over het huwelijk) en ‘De keten gebroken, een boekje open over de Odd Fellows’ (vrijmetselarij).